Recht in Balans

Ecocentrische pioniers in het recht

Meer dan de menselijke maat: ecocentrische pioniers in het recht

Transforming Justice

Voor mijn hoofdstuk in het boek Transforming Justice dat komend najaar verschijnt bij Carolina Academic Press, interview ik Digna de Bruin en tal van andere juristen die zich inzetten voor de bescherming van de aarde en haar huidige en toekomstige bewoners. Zij doen dat op velerlei wijze: via invoering van een Ombudsman voor Toekomstige Generaties (Jan van de Venis), het strafbaar stellen van Ecocide als vijfde misdrijf tegen de vrede (Polly Higgins), het oproepen tot burgelijke ongehoorzaamheid en geweldloze actie als protest tegen de fossiele brandstoffenindustrie (Kumi Naidoo; Greenpeace International) en het toekennen van rechten aan ecosystemen (Cormac Cullinan; Wild Law-movement).

Wat deze juristen en activisten gemeen hebben, is dat zij vanuit een ecocentrisch perspectief naar de wereld kijken. In tegenstelling tot het dominante antropocentrische perspectief, dat de mens en zijn behoeften tot het centrum van wereld maakt, dichten ze de natuur een intrinsieke waarde toe, los van het nut en de gebruikswaarde die zij voor de mens heeft. Volgens dit perspectief moet het menselijke recht en het menselijk gedrag zijn ingebed in de grotere context van het ritme, de grenzen en de ‘carrying capacity’ van de aarde. Een rechtssysteem dat niet harmonieert met de wetten van de aarde, dat niet is afgestemd op de grenzen aan economische groei die de aarde stelt, negeert immers de basisvoorwaarden van het leven zelf en kan niet duurzaam zijn.

Ecocentrische beweging streeft verruiming in rechtssysteem na

De pioniers in de ecocentrische beweging trachten daarom het blikveld van rechters, wetgevers en politici te verruimen en de rechten en belangen van toekomstige generaties en niet-menselijke subjecten – ecosystemen en dieren – te integreren in het rechtssysteem. Het streven is om het rechtssysteem holistischer te maken, om de verbondenheid van de mens met de aarde tot uitdrukking te brengen op een manier die verder gaat dan vage inspanningsverplichtingen om goed voor de aarde te zorgen (voor zover economische belangen van multinationals daar niet onder lijden). Het is een vreedzaam streven, gericht op harmonie tussen mens en natuur, waarvoor echter hard gevochten moet worden. Het antropocentrisch denken is zo stevig verankerd in de juridische en politieke cultuur, dat spreken over het toekennen van rechten aan niet-menselijke subjecten of het instellen van een afdwingbare zorgplicht voor de aarde veel weerstand oproept. Bovendien verdedigen lobby’s van de brandstoffenindustrie en grote agro-tech bedrijven hun machtspositie met hand en tand en deinzen daarbij niet terug voor intimidatie en mensenrechtenschendingen. Kumi Naidoo stelt zelfs dat er elke week twee Environmental Defenders worden vermoord (!) als gevolg van hun werk ter bescherming van de aarde.

Innerlijke overtuiging van eco-pioniers

Een stem geven aan de aarde vereist daarom moed. Moed is de tweede gemene deler die de ‘eco-pioniers’ die ik interview gemeen hebben. Ze gaan in tegen de gevestigde orde, halen zich bespotting op het lijf en stellen soms zelfs hun leven in de waagschaal. Waar halen ze deze moed vandaan? De pioniers blijken te beschikken over drie krachtbronnen: een sterke innerlijke overtuiging, een gemeenschap die hen steunt, en regelmatig contact met de natuur.

– Uit mijn gesprekken blijkt dat de ‘eco-pioniers’ een diepe innerlijke overtuiging hebben die hen in hun werk voortdrijft. De verbondenheid met de aarde is een persoonlijk doorvoelde (en soms zelfs spirituele) ervaring, die een rationele verklaring te boven gaat. Diep in hun hart en hun ziel weten ze: wij behoren de aarde toe, niet omgekeerd. Deze persoonlijke ‘liefdesrelatie’ met de aarde is een krachtbron waaruit ze dagelijks putten.

– Ze maken onderdeel uit van een netwerk van gelijkgestemden. In je eentje tegen de bierkaai vechten houdt geen stand, echter: “community gives courage” zoals Integrative Law-leidster Kim Wright zo treffend zegt. De solidariteit, het delen van kennis en ervaring en het geven van wederzijdse emotionele steun zijn belangrijke ingrediënten om de strijd vol te houden.

– Regelmatig fysiek contact met de natuur is voor de pioniers een noodzakelijke voorwaarde om bezield hun werk te blijven doen. Contact met de natuur ontspant, laadt op en inspireert. Sommige pioniers krijgen zelfs boodschappen van de aarde door als ze lang uitgestrekt in het gras liggen!

De eco-pioniers die zich sterk maken voor meer verbondenheid in het recht, doen dit dus vanuit een plek van verbondenheid in zichzelf. Ze voelen zich in hun werk gedragen door een kracht of belang dat groter is dan de reikwijdte van hun individuele leven. Ze behoren toe aan een community of courage en staan in contact met de natuur die ze verdedigen. Ze zetten hun juridische expertise in om uitdrukking te geven aan wat hun hart allang weet: de aarde heeft intrinsieke waarde en de bescherming daarvan verdient een centrale plek in het recht.

Door Femke Wijdekop, Earth Lawyer at Institute for Environmental Security & End Ecocide in Europe

Sorry, comments are closed for this post.